Podiumtechniek voor Douwe
Alles over licht- en geluidstechniek op één plek. Uitleg in gewone taal, met de formules en tabellen die je nodig hebt als je een rig opbouwt, een PA uitlijnt of een show programmeert. Gemaakt voor de opleiding Allround Podiumtechnicus aan de Herman Brood Academie.
Staat je vraag ergens midden in een hoofdstuk? Typ hem gewoon in het zoekveld — je springt direct naar het juiste kopje. Moet je iets uitrekenen op de vloer? Ga naar Rekenmachines. Even snel een formule opzoeken vóór een toets? Formuleblad. Snap je een term niet die iemand roept? Begrippenlijst.
Geluid
van trilling tot volle zaalLicht
van lamp tot lichtplanTechniek & veiligheid
stroom, staal en gezond blijvenNaslag
snel opzoekenWaar begin je?
Als je van natuurkunde weinig hebt meegekregen: dat is geen probleem, maar het scheelt enorm als je een paar dingen écht begrijpt in plaats van uit je hoofd leert. Dit is de volgorde die het snelst rendement geeft:
| Stap | Wat | Waarom dit eerst |
|---|---|---|
| 1 | Golven & frequentie | Onder geluid, licht, radio en DMX ligt hetzelfde idee: een trilling met een frequentie en een golflengte. |
| 2 | Decibels | Bijna alles in geluid wordt in dB uitgedrukt. Snap je +3, +6 en +10, dan snap je de halve mengtafel. |
| 3 | Ohm en vermogen | P = U × I gebruik je bij licht, bij versterkers én bij het aansluiten van je hele rig. |
| 4 | DMX adresseren | Het eerste waar je bij licht op de vloer mee te maken krijgt. Puur rekenen met optellen. |
| 5 | Belasting & hoeken | Hier gaat het over veiligheid van mensen. Deze som moet je blind kunnen. |
De natuurkunde die je écht nodig hebt
Podiumtechniek gebruikt maar een handjevol natuurkundige begrippen. Hier staan ze, in gewone taal.
| Begrip | Eenheid | In gewone taal |
|---|---|---|
| Frequentie f | hertz (Hz) | Hoe vaak iets per seconde trilt. Hoog getal = hoge toon / korte golf. |
| Golflengte λ | meter (m) | De lengte van één trilling in de lucht. Lage tonen zijn meters lang. |
| Periode T | seconde (s) | Hoe lang één trilling duurt. T = 1 / f. |
| Spanning U | volt (V) | De “druk” op de stroom. Stopcontact = 230 V. |
| Stroom I | ampère (A) | Hoeveel elektriciteit er per seconde loopt. Hier gaat je zekering op stuk. |
| Weerstand R | ohm (Ω) | Hoe moeilijk stroom ergens doorheen komt. |
| Vermogen P | watt (W) | Hoeveel energie er per seconde wordt gebruikt of geleverd. |
| Kracht F | newton (N) | Duwen of trekken. Zwaartekracht: 1 kg ≈ 9,81 N. |
| Massa m | kilogram (kg) | Hoe zwaar iets is. In rigging reken je meestal gewoon in kg. |
| Moment M | Nm of kgm | Draaikracht: kracht × arm. Waarom een last ver van het punt zwaarder telt. |
| Intensiteit | lux, W/m² | Hoeveel er op een oppervlak terechtkomt. Neemt af met het kwadraat van de afstand. |
Twee wetten kom je overal tegen, bij licht én geluid:
1. De golfformule: v = f × λ — snelheid = frequentie × golflengte.
2. De omgekeerde kwadratenwet: twee keer zo ver weg = vier keer zo weinig energie per m².
Bij geluid heet dat −6 dB, bij licht een kwart van het aantal lux. Zelfde wet, andere eenheid.